Stad Vilvoorde - Bouwen en wonen - Wonen - Leegstand en verkrotting
Deze gebouwen en woningen
komen in aanmerking voor inventarisatie en heffing betreffende leegstand en
verkrotting:
- Ongeschikte en onbewoonbare woningen: een woning wordt ongeschikt/
onbewoonbaar verklaard op basis van een woningonderzoek.
- Verwaarloosde woningen: een gebouw is verwaarloosd als ze ernstige,
zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval vertoont aan de
buitenzijde, vb. Loskomende gevelelementen, dichtgetimmerde gevelopeningen.
Verwaarlozing wordt beoordeeld aan de hand van een technisch verslag.
- Leegstaande woningen: een woning staat leeg als ze gedurende 1 jaar
niet bewoond is. Een gebouw staat leeg als gedurende 1 jaar meer dan de helft
van de totale vloeroppervlakte niet gebruikt is.
Hoe wordt leegstand
vastgesteld?
De vaststelling of een woning al dan niet leegstaat gebeurt aan de hand van
een technisch verslag. In dit verslag staan indicatoren. Elke indicator komt
overeen met een aantal punten. Van zodra een woning 18 of meer punten heeft en
minstens één indicator in de hoogste categorie wordt de woning als
leegstaand beschouwd en start de procedure.
Een gebouw is géén woning
en wordt getaxeerd op leegstand aan de hand van een beschrijvend verslag (dus
niet via punten). In dit verslag worden alle argumenten opgesomd die
aanleiding geven tot het opstarten van de procedure.
Hoe verloopt de procedure?
Het technisch of beschrijvend verslag wordt gestuurd naar alle houders van een
zakelijk recht van het pand (= woning of gebouw), samen met een
administratieve akte waarin de leegstand wordt vastgesteld.
Je hebt dan uiterlijk vier
maand de tijd om tegen deze akte en de vaststellingen een bezwaarschrift in te
dienen. Het bezwaarschrift moet je per aangetekend schrijven indienen bij de
inventarisbeheerder. Als je gehoord wil worden, moet je dit uitdrukkelijk
vermelden in het bezwaarschrift.
Als de inventarisbeheerder je
bezwaar verwerpt of als je geen bezwaar indient, dan ontvang je een
registratieattest dat je formeel in kennis stelt dat je pand op de inventaris
staat.
Tegen dit registratieattest
kan je binnen de 30 dagen beroep aantekenen bij de inventarisbeheerder. Ook
dit beroep moet je aangetekend versturen.
Welke zijn de
gevolgen van een inventarisatie?
1. De inventarisatie heeft tot gevolg dat de
houder van zakelijk recht in principe een heffing zal moeten betalen.
2. Bij verkoop van het geïnventariseerde
pand geldt er een voorkooprecht ten gunste van de Sociale
Huisvestingsmaatschappijen, de gemeente en eventueel het OCMW.
Let op als je het pand wil verkopen! De houders van een zakelijk recht moeten
bij verkoop van het pand de koper ten laatste op de dag van de overdracht
schriftelijk op de hoogte stellen van de inventarisatie. Als dit niet gebeurt,
zal de eerstvolgende heffing toch moeten betaald worden door de verkoper. Een
kopij van de koopovereenkomst stuur je naar de sectie Huisvesting van de
dienst Stedelijke Ontwikkeling.
3. De inventarisbeheerder kan
een pand schrappen zodra een houder van het zakelijk recht het bewijs levert
dat de woning gedurende minstens 6 maanden opnieuw bewoond is, of dat meer dan
de helft van de oppervlakte van het gebouw gedurende minstens 6 maanden
opnieuw gebruikt is. Als houder van zakelijk recht moet je de dienst
Stedelijke Ontwikkeling, sectie Huisvesting hiervan per aangetekende brief
schriftelijk op de hoogte brengen.
Wanneer krijg je een
vrijstelling of schorsing van de heffing?
Het is belangrijk te weten dat in de periode van vrijstelling of schorsing het
pand toch geïnventariseerd blijft. Het betreft een tijdelijke vrijstelling of
schorsing. Als eigenaar moet je een vrijstelling of schorsing zelf aanvragen.
1. Een vrijstelling wegens
eigendomsoverdracht.(2 jaar)
Een vrijstelling geldt voor 2 jaar volgend op de datum van de
eigendomsoverdracht. (voor uitzonderingen: zie wetgeving)
2. Schorsing voor
renovatiewerken (in principe 4 jaar)
- Een geldige stedenbouwkundige vergunning voorleggen voor renovatiewerken aan
de woning of het gebouw; of
- een ontvangstbewijs voorleggen waaruit blijkt dat een volledige aanvraag
voor een stedenbouwkundige vergunning werd ingediend; of
- een gedetailleerd renovatieschema voorleggen, dat bestaat uit:
- een overzicht van de werken die uitgevoerd (zullen) worden;
- een plan van de woning of het gebouw, waarop de werken aangeduid
zijn;
- foto’s waardoor de huidige toestand van de woning of het gebouw kan
aangetoond worden;
- in voorkomend geval, het akkoord van de mede-eigenaars met de werken.
Een stedenbouwkundige vergunning voor sloop met vervangingsbouw staat gelijk
met renovatie.
3. Een vrijstelling voor een
gebouw en/of woning die te koop of te huur staat
Om voor deze vrijstelling in aanmerking te komen moet:
- het gebouw of de woning voldoen aan de veiligheids-, gezondheids- en
kwaliteitseisen van de Vlaamse Wooncode,
- het gebouw of de woning tegen aanvaardbare marktvoorwaarden worden
aangeboden (kan aangetoond worden aan de hand van een schattingsverslag door
een expert).
4. Een vrijstelling wegens
bewoning van enige woning.
Inschrijving in het bevolkingsregister is noodzakelijk.
5. Vrijstelling wegens
bescherming als monument.
6. Vrijstelling wegens
onteigening.
7. Vrijstelling wegens ramp.
naar boven
|