Regierol sociale economie

Algemene informatie

De opgestelde actiepunten zijn tot stand gekomen in overleg met verschillende partners op het grondgebied van Vilvoorde, Machelen en Grimbergen. Partners zoals de VDAB, het CBE, Riso, de sociale economiebedrijven, … hebben hun expertise en kennis van het vakgebied bijgedragen aan dit dossier met het oog op het bekomen van een plan op maat van de regio Vilvoorde-Machelen-Grimbergen. Daarnaast is ook de omgevingsanalyse, opgesteld door Toekomstforum Halle-Vilvoorde, de kwantitatieve basis geweest voor het opstellen van de verschillende acties.
Het subsidiedossier vraagt om de jaarlijkse uitvoering van verschillende acties. Onderstaand kan een kort overzicht worden teruggevonden van de verschillende acties die in de periode 2020-2025 zullen worden uitgevoerd. Verschillende acties zijn al ingepland voor 2020 & 2021, maar vele acties zullen in samenspraak met de verschillende partners worden ingepland zodat het geheel logisch aansluit met het andere aanbod in de regio.

Acties die de netwerking op het grondgebied bevorderen

  • Verder opbouwen van de samenwerkingsverbanden met de sociale economiebedrijven en werkgelegenheidspartners
  • Organiseren van evenementen rond hot items die relevante actoren tegelijkertijd informeren en verbinden
  • Het NEC wordt actief betrokken bij de werking in de sociale economie om samenwerking en doorstroomkansen te verbeteren
  • Jeugdwerkloosheid wordt aangepakt door het vormen van een stuurgroep jeugd en tewerkstelling

Acties die bijdragen aan de ontwikkeling van lokale sociale economie

  • Er wordt ingezet op het uitbreiden van het aantal tewerkstellingsplaatsen binnen de sociale economie van de regio
  • De Nederlandse taal wordt gestimuleerd binnen de sociale economie
  • Tewerkstellingstrajecten worden gediversifieerd om trajecten op maat van de werkzoekende op te stellen
  • Drempels die werkzoekenden verhinderen om te werken worden gereduceerd en waar mogelijk weggewerkt
  • Sociale economie wordt bekeken vanuit een brede invalshoek
  • Doelgroepen worden benaderd op een laagdrempelige manier
  • Wijk-werken wordt uitgebouwd als middel bij uitstek om te voldoen aan lokale noden

Acties ter bevordering van maatschappelijk verantwoord ondernemen

  • Kansengroepen worden actief betrokken en versterkt zodat zij gelijke kansen krijgen om duurzaam tewerkgesteld te worden
  • Via sensibilisering en interventies worden organisaties uit de regio geïntroduceerd aan de verschillende SDG’s (Sustainable Development Goals)
  • Via de verschillende opgebouwde netwerkkanalen en acties wordt maatschappelijk verantwoord opgenomen als focusgebied
  • ISSE VMG geeft het goede voorbeeld en zet binnen de eigen werking volop in op duurzaamheid


Acties die de netwerking op het grondgebied bevorderen


Verder opbouwen van de samenwerkingsverbanden met de sociale economiebedrijven en alle werkgelegenheidspartners

In de afgelopen legislatuur werd door een langdurige ziekte van de verantwoordelijke tewerkstellingsambtenaar weinig geïnvesteerd in de communicatie tussen de verschillende spelers binnen de sociale economie. De omgevingsanalyse heeft bevestigd dat er binnen de sociale economiebedrijven een grote vraag is naar onderlinge afstemming, zodat samenwerkingsopportuniteiten kunnen worden ontdekt. ISSE VMG wil haar regierol cementeren door samen met de sociale economie-spelers te bekijken op welke manieren onderlinge communicatie versterkt kan worden. Het opbouwen van een sterke en duidelijke relatie tussen alle spelers vormt de basis voor de uitbouw van de sociale economie binnen de regio.

Het is belangrijk om een manier te vinden waarop onderlinge afstemming kan plaatsvinden. Dit kan mogelijks via structureel overleg, maar dit is sterk afhankelijk van de tijd die bedrijven kunnen vrijmaken om hier deel van uit te maken. Een alternatief is het organiseren van netwerkdagen of workshops, gericht op de specifieke noden van de regio.

In 2020 zal geïnvesteerd worden in het versterken van de communicatie en het overeenkomen van een haalbare manier van overleg. In 2021 zal deze vorm van overleg geïmplementeerd worden, en eveneens jaarlijks geëvalueerd worden. Over de jaren heen zullen partners worden toegevoegd aan dit overleg, en moet gaandeweg bekeken worden of de overlegvorm geactualiseerd moet worden om te verzekeren dat onderlinge communicatie efficiënt verloopt en om ervoor te zorgen dat samenwerking wordt gestimuleerd.

Het beoogde effect van deze actie is het verwezenlijken van een soort platform of kanaal via dewelke de verschillende spelers met elkaar in contact kunnen komen en blijven. Deze communicatie geeft aanleiding tot het tot stand komen van samenwerkingsopportuniteiten of gezamenlijke leerkansen.

Organiseren van evenementen rond hot items die relevante actoren tegelijkertijd informeren en verbinden

Binnen de (sociale) economie zijn er constant tal van veranderingen op til, zoals de steeds evoluerende regelgeving en de steeds veranderende arbeidsmarkt. ISSE VMG wil actief de meest relevante evoluties op de voet volgen en ook een betrouwbare partner zijn in het omgaan met deze veranderingen. Dit kan worden gedaan door het organiseren van vormingsmomenten, workshops, netwerkevenementen, … over interessante topics die niet alleen beperkt hoeven te zijn tot de sociale economie, maar ook breder kunnen worden ingevuld.

Het is moeilijk om vooraf in te plannen hoe vaak deze evenementen worden georganiseerd, gezien het afhangt van de noden van de sociale economie en de veranderingen die op til staan. Er wordt gemikt om zeker één keer per twee jaar te investeren in de organisatie van een informatief moment.

Het beoogde effect is van ISSE VMG een betrouwbare partner te maken via dewelke informatie wordt gedeeld en groei kan worden bestendigd. Omdat ISSE VMG als regisseur sowieso up to date moet blijven met de ontwikkelingen van het werkdomein, maakt dat van ISSE VMG een ideale partner in informatieverschaffing.

Het NEC wordt actief betrokken bij de werking in de sociale economie om samenwerking en doorstroomkansen te verbeteren

De verhouding tussen het SEC en het NEC is belangrijk, en er is nog veel ruimte om deze uit te bouwen binnen de regio Vilvoorde – Machelen – Grimbergen. Het SEC is gebouwd rond doorstroom, van zodra werkzoekenden sterk genoeg zijn om mee te draaien in het NEC worden ze aangemoedigd om deze overstap te maken. Om ervoor te zorgen dat de doorstroom zo efficiënt mogelijk verloopt is het nodig dat geïnvesteerd wordt in het bouwen van bruggen tussen beide circuits. Op dit moment zijn die onvoldoende uitgebouwd. Er zijn weinig mogelijkheden om cliënten te laten instromen in het NEC, wegens beperkte contacten. Hierdoor loopt men niet alleen doorstroomkansen mis, maar ook de verschillende voordelen die horen bij een tewerkstelling bij een privéwerkgever. Deze tewerkstellingen leveren vaak meer perspectief aan de tewerkgestelde over zijn/haar eigen competenties en de arbeidssfeer waarin hij/zij later in terecht zal komen.

De verhoudingen zullen worden opgebouwd door in te zetten op ontmoetingsopportuniteiten zoals bijvoorbeeld de jaarlijkse jobbeurs van ISSE VMG. Zowel het SEC als het NEC hebben baat bij aanwezigheid op deze jobbeurs, waardoor het een plaats is waar ze makkelijk met elkaars aanbod in aanraking kunnen komen. Ook andere partners zoals VDAB, CBE, OCMW’s, vakbonden, … kunnen een aanwezigheid hebben tijdens deze jobbeurs, waardoor ook zij relaties kunnen opbouwen met de diverse werkgevers uit de regio. Dit kan worden geïnstalleerd door het organiseren van presentaties, rondetafelgesprekken, samenwerking rond bepaalde thema’s (bv in spotlight zetten van bepaalde jobs of een bepaalde branche).

Daarnaast zal ook een continue inspanning geleverd worden om het NEC te betrekken bij de werking van de verschillende gemeentebesturen en sociale huizen. De maatschappelijk werkers, samen met de regisseur sociale economie, leren kansen om te netwerken met privéwerkgevers kennen en bouwen contactrelaties op. Trajecten zoals TWE worden positief, en realistisch, in beeld gebracht en privéwerkgevers worden overtuigd van de meerwaarde die deze trajecten kunnen hebben voor de eigen werking.

Gezien de opbouw van relaties met het NEC een prioriteit zijn, zal deze actie meteen van start gaan bij toekenning van het dossier. Initieel zal worden nagedacht over geschikte kanalen om het NEC te bereiken (evenementen van Unizo, sociale media, telefonisch contact, …) en vervolgens zullen privéwerkgevers actief benaderd worden van zodra er een concreet plan van aanpak is. Er kan bijvoorbeeld begonnen worden met de promotie van leerwerknemers bij privébedrijven, om vervolgens in een latere fase actief de brug te bouwen tussen SEC- en NEC organisaties.

Het beoogde effect kan als volgt worden omschreven: door de opbouw van de relatie SEC – NEC worden trajecten op maat van kwetsbare werkzoekenden gefaciliteerd door in te zetten op de verbetering van doorstroomkansen en het diversifiëren van arbeidsopportuniteiten. Trajectbegeleiders krijgen meer opties om werkzoekenden te plaatsen. Daarnaast opent dit ook opportuniteiten voor het SEC en NEC onderling, zoals bijvoorbeeld enclavewerking.

Jeugdwerkloosheid wordt aangepakt door het vormen van een stuurgroep jeugd en tewerkstelling

Jeugdwerkloosheid is een groot probleem binnen de regio. Zowel Vilvoorde (16,11%) als Machelen (16,46%) kampen met hoge cijfers voor werkloosheid bij de groep van min 25 jarigen. Grimbergen (11,66%) doet het iets beter, maar is steeds zoekende partij om werkloosheidsgraden te verlagen. 

Sinds midden november 2019 is een stuurgroep rond jeugdtewerkstelling geactiveerd, daar vele organisaties binnen de regio investeren in het welzijn van jongeren. Er is nood aan afstemming tussen deze organisaties om ervoor te zorgen dat het gezamenlijke aanbod zo goed mogelijk de noden van de jongeren binnen de regio dekt. Het is de bedoeling dat deze stuurgroep 3-4 keer per jaar samenkomt. Partners die zich al kandidaat hebben gesteld voor deze stuurgroep: Riso, minderhedenforum, CBE, JAC, ROJM, Castor, VFU, Groep Intro, AGII en VDAB.

In dit stadium is de stuurgroep nog volop bezig om de samenwerking vorm te geven en elkaar te leren kennen, maar er is alvast een gezamenlijke activiteit ontsprongen uit het overleg. In mei 2020 zal een jobfix georganiseerd worden, door een werkgroep van 6 partners. Deze jobfix wordt gemaakt voor en door jongeren met allerlei interessante randactiviteiten die jongeren kunnen aantrekken. Er wordt gepoogd om verschillende thema’s aan te raken die relevant zijn voor jongeren, en die hen ook zullen aanzetten om actief te participeren. Deze jobfix is een voorbeeld van hoe waardevol het is om de verschillende expertises samen te brengen en samen te werken aan één gezamenlijk doel: de jeugdige werkloosheid in Vilvoorde, Machelen en Grimbergen zoveel mogelijk reduceren.

Deze actie is al opgestart, en zal worden gecontinueerd. In 2020 zal voornamelijk worden ingezet op de identiteitsvorming van de stuurgroep, en in de volgende jaren zal de focus liggen op samenwerkingskansen en eventuele concrete interventies. Als regisseur wil ISSE VMG een doorlopend werk maken van het samenbrengen van partners die de regionale jeugd als doelgroep hebben.

Het beoogde doel is het aanbod in Vilvoorde, Machelen en Grimbergen voor -25 jarigen in kaart brengen, en de aanbieders aan te zetten om hun aanbod zoveel mogelijk af te stemmen op elkaar zodat overlappingen minimaal zijn. Dit effect zal voornamelijk waarneembaar zijn in de overlegmomenten tussen de verschillende actoren.


Acties die bijdragen aan de ontwikkeling van lokale sociale economie


Er wordt ingezet op het uitbreiden van het aantal tewerkstellingsplaatsen binnen de sociale economie van de regio

Het is één van de prioriteiten van de ISSE VMG om in te zetten op de grootschaligheid van de sociale economie binnen de regio. De omgevingsanalyse wees aan dat de sociale economie binnen de regio bijzonder klein is in vergelijking met andere provinciale regio’s, en met de regio Leuven.

Allereerst willen de gemeenten een voorbeeldrol innemen door zelf zoveel mogelijk gebruik te maken van de sociale economie. Tijdens evenementen is er bijvoorbeeld veel ruimte om gebruik te maken van het aanbod in de sociale economie.

Daarnaast wil ISSE VMG ook hulp bieden aan de sociale economiebedrijven met betrekking tot het intekenen op subsidie-oproepen. Momenteel volgen de bedrijven de verschillende opportuniteiten tot subsidie niet op de voet, hetgeen te maken kan hebben met werkoverlast of niet-familiariteit met het aanbod. ISSE VMG heeft zowel een rol te spelen binnen zowel bekendmaking van het aanbod als helpen met het opstellen van subsidiedossiers.

Het beoogde effect is een toename van het aantal tewerkstellingen binnen de sociale economie. Dit kan ofwel door uitbreiding van de bestaande initiatieven, ofwel het stimuleren van nieuwe instappers. Statistieken zullen door frequente monitoring in kaart worden gebracht zodat de groei van de sociale economie kan worden geëvalueerd.

De Nederlandse taal wordt gestimuleerd binnen de (sociale) economie

Anderstaligheid heeft een groot effect op de tewerkstelling binnen de regio. OCMW medewerkers geven aan dat het moeilijk is om potentiële artikel 60 medewerkers tewerk te stellen in het sociaal economisch circuit door een gebrek aan Nederlandse taalkennis. Ook het normaal economisch circuit heeft hoge taalvereisten. In de periode van maart 2018 – februari 2019 werden 1522 vacatures opengesteld voor laaggeschoolden zonder ervaring. Voor deze 1522 betrekkingen werd bij 1019 vacatures gevraagd om minstens tweetalig te zijn. Mensen die geen of weinig Nederlands spreken vallen dus bij het grootste deel van de vacatures automatisch uit de boot.

Dit duidt de nood aan tot ondersteuning van anderstaligen in de werkcontext. Niet alleen moeten potentiële werknemers begeleid worden, maar ook de algemene werkcontext moet open staan voor anderstaligheid en hier mee leren omgaan. Om deze reden wordt besloten om anderstaligheid aan te pakken als centraal thema in de periode 2020-2025, samen met partners als CBE, VDAB en vzw De Rand.

Van september tot december 2019 werd via de middelen voor de regierol sociale economie van de vorige legislatuurperiode reeds een eerste taaltraject opgestart binnen 11 bedrijven die actief zijn binnen de sociale economie. Dit werd gedaan met het oog op het opbouwen van SWOT-kennis van deze bedrijven, zodat een strategie kan worden opgebouwd voor een traject op lange termijn. Dit heeft geleidt tot concrete profielschetsen voor bijna elk regionaal sociaal-economisch bedrijf, dat een mooie basis vormt voor de verdere planning. De voornaamste conclusie is dat hoewel anderstaligheid een groot pijnpunt is, er door de bedrijven niet wordt geïnvesteerd in ondersteuning voor anderstaligen. Geen van de deelnemende bedrijven heeft een kader of ruimte om zelfstandig om te leren gaan met anderstaligheid op de werkvloer. Dit duidt de nood aan voor verdere ondersteuning om zo de slaag- en groeikansen van anderstaligen op de werkvloer te maximaliseren.

Samen met het CBE werd alvast een begintraject uitgebouwd, die de grondvesten moet leggen voor een taalgerichte aanpak binnen de regio:

In 2020 zou van mei tot december ingezet worden op taalcoaching in de sociale economie bedrijven, beginnend met een pilootproject bij enkele sociale economiebedrijven die tijdens het voortraject van eind 2019 werden beoordeeld als meest geschikte startpunten. Er wordt wekelijks tussen de 10 en 15 uur geïnvesteerd in taalcoaching.
In 2021 wordt van januari tot juni geïnvesteerd in 10 uur taalcoaching per week, en van september tot december 5 uur per week.

Deze eerste twee jaren brengen een kost van €16 500 met zich mee per jaar. Met deze grote investering wordt gemikt op verschillende zaken:

  • Verder in kaart brengen van de werkpunten m.b.t. taal in de sociale economie
    • Deze werkpunten helder formuleren en een plan van aanpak opstellen
    • Dit plan van aanpak uitvoeren en bijsturen waar nodig
  • Optimaliseren van bedrijfsprocessen, ook met oog op niet-anderstaligen (bijvoorbeeld installeren heldere verslaggeving van overlegmomenten)
  • Aanduiden van hiaten in het huidige aanbod voor taalondersteuning op de werkvloer
  • Creëren van een draaiboek dat ook gebruikt kan worden door andere lokale besturen die van taal een werkpunt willen maken

Na 2021 wordt een grondige evaluatie gemaakt van de afgelopen twee jaar, om zo te bepalen welke verdere aanpak ideaal zou zijn. Dit wordt grotendeels bepaald door de voortuitgang van de deelnemende bedrijven, en de mate waarin ze reeds een kader hebben opgebouwd waarbinnen taal een plaats heeft. Er zijn verschillende pistes mogelijk (taalcoaching verderzetten, inzoomen op specifieke taalnoden, overgaan op een train the trainer programma, verhogen van oefenkansen buiten de werkcontext …). Het is de intentie om ook in 2022, 2023 en 2024 een strategie uit te werken die de taalproblematiek in de regio structureel wegwerkt. ISSE VMG is bereid om te investeren in de verlaging van de taalbarrières in de regio.

Het concrete doel van deze actie is ervoor zorgen dat tewerkstelling minder bepaald worden door de taalkennis van werkzoekenden. Actieve bevraging binnen de sociale economie, bijvoorbeeld via interviews of enquêtes, moeten dit objectief in kaart brengen.

Tewerkstellingstrajecten worden gediversifieerd om trajecten op maat van de werkzoekende op te stellen

De trajecten die opgesteld worden voor werkzoekenden/leefloongerechtigden zijn vaak rechtlijnig en one-size-fits-all. Dit houdt in dat in het kader van het OCMW vaak ofwel gesteld wordt dat de leefloongerechtigde niets arbeidsbekwaam is, ofwel meteen tewerkgesteld wordt binnen een TWE. Vele werkzoekenden zijn niet klaar voor deze stap, en zijn gebaat bij een laagdrempelige eerste arbeidservaring.

Er zijn verschillende opties hiervoor zoals onder andere wijk-werken, werkplekleren en stimuleren van vrijetijdsparticipatie. De leden van ISSE VMG zijn ook samen organisator van wijk-werken in de regio, waardoor de promotie en stimulatie van wijk-werken onder haar verantwoordelijkheden valt. ISSE VMG kijkt er expliciet op toe dat wijk-werken ook gestimuleerd wordt met het oog op de sociale economie.

Groep Intro werkt in verschillende gemeenten en steden aan de promotie van werkplekleren, waaronder ook binnen Vilvoorde, Machelen en Grimbergen. Tussen september en december 2019 voerden ze een project uit om deze gemeenten te informeren over de verschillende vormen van werkplekleren. De verschillende gemeenten werden gestimuleerd om ook binnen hun eigen organisatie één of meerdere arbeidsplaatsen ter beschikking te stellen van mensen die tewerkgesteld willen worden binnen het kader van werkplekleren. Via de expertise van Groep Intro, en de ervaringen die de gemeenten hebben opgedaan binnen dit project wil ISSE VMG werkplekleren ook stimuleren binnen de sociale economie en de normale economie. Op deze manier zullen meer maatschappelijk kwetsbare werkzoekenden opbouwende stappen kunnen zetten naar duurzame tewerkstelling.

Ook het stimuleren van participatie in het vrijetijdsleven valt onder deze noemer, daar dit eveneens een laagdrempelige manier is om vaardigheden en het sociaal leven van maatschappelijk kwetsbare mensen te stimuleren op een laagdrempelige manier.

Het beoogde doel is het verhogen van het aantal personen die tewerkgesteld worden via wijk-werken en werkplekleren, door verhoogde toeleiding en door het creëren van een groter aanbod. Dit kan nagegaan worden via de VDAB-monitoring van wijk-werken, en door binnen de OCMW’s te evalueren of leefloongerechtigden vaker worden toegeleid naar deze vormen van tewerkstelling.

Drempels die werkzoekenden verhinderen om te werken worden gereduceerd en waar mogelijk weggewerkt

Input van het CBE en de VDAB wijst erop dat er binnen de regio veel drempels aanwezig zijn die werkzoekenden kunnen verhinderen tot het vinden van een job. Vele werkzoekenden, waaronder een groot aantal moeders, komen bijvoorbeeld niet over de drempel van flexibele kinderopvang heen. Ook mobiliteit kan een probleem zijn, wanneer een werkzoekende geen wagen of rijbewijs heeft om op werk te geraken. De toenemende digitalisering, ook in het solliciteren, houdt ook gekwalificeerde kandidaten tegen. Er is eveneens nood aan meer flexibele uurregelingen binnen tewerkstellingsmogelijkheden.

ISSE VMG wil in samenwerking met de verschillende spelers (gemeentelijke diensten, werkgelegenheidspartners, welzijnsorganisaties en bedrijven) eraan werken om zoveel mogelijk drempels te verminderen of te elimineren. Dit door in eerste stap de drempels grondig te definiëren en werkgroepen op te richten om te bekijken hoe aan deze drempels kan worden gewerkt. Zo kan bijvoorbeeld in overleg met de dienst mobiliteit en het fietspunt bekeken worden of goedkope fietsen ter beschikking kunnen worden gesteld van behoevende werkzoekenden om zo het mobiliteitsprobleem aan te pakken.

Sociale economie wordt bekeken vanuit een brede invalshoek

De sociale economie wordt binnen de regio nog te vaak als een alleenstaand concept bekeken. Tewerkgestelden binnen de sociale economie zijn heel divers, zowel socio-economisch als etnisch-cultureel. Dit opent vele kansen om vanuit verschillende invalshoeken ondersteuning te verlenen. Thema’s zoals onderwijs, armoede, toegankelijkheid, diversiteit, … spelen ook mee binnen de sociale economie waardoor ook partners die traditioneel niet in aanraking komen met sociale economie betrokken kunnen worden om zo gezamenlijk doelen te bereiken. Een voorbeeld van zo’n doel kan zijn het verhogen van toegankelijkheid tot tewerkstelling voor mensen met een beperking.

Door grondig te sensibiliseren, uitgebreide informatie te verschaffen en ook partners buiten het werkdomein te betrekken wordt van sociale economie een verhaal gemaakt waaraan iedereen kan werken vanuit verschillende invalshoeken. Door elementen te implementeren vanuit verschillende domeinen worden meer doelgroepen bereikt en meerdere problemen integraal aangepakt.

Het concrete doel is om in eerste plaats binnen de eigen lokale besturen ervoor te zorgen dat meerdere diensten betrokken raken in het verhaal van de sociale economie. De regisseur wordt idealiter ingebed in overlegorganen van andere diensten, en betrekt ook actief andere diensten bij initiatieven binnen de sociale economie.

Doelgroepen worden benaderd op een laagdrempelige manier

Wanneer evenementen worden georganiseerd rond tewerkstelling is het opmerkelijk dat een groot deel van het doelpubliek niet bereikt wordt. De redenen hiervoor zijn niet altijd even duidelijk, maar kunnen te maken hebben met niet-optimale keuze van informatiekanalen of locatie. Via deze actie wordt het proces van informatiedoorstroom en ondernemen van interventies grondig bekeken. Er wordt echter ook toegekeken op factoren die aan de werkzoekenden kunnen liggen, met passende interventies. 

Het doel is het bereik van het doelpubliek te optimaliseren en hun participatie te stimuleren. Dit kan bijvoorbeeld door gebruik te maken van de wijkplatformen, lokale dienstencentra, jeugdhuizen, … zodat men ook in de eigen buurt ergens terecht kan voor vragen en informatie rond tewerkstelling.

Wijk-werken wordt uitgebouwd als middel bij uitstek om te voldoen aan lokale noden

Eerder werd reeds omschreven dat wijk-werken een goede stap is om in te bouwen in tewerkstellingstrajecten, als opstap naar een andere vorm van tewerkstelling. Naast de voordelen die wijk-werken met zich meebrengt op gebied van tewerkstelling, brengt het ook voordelen met zich mee voor de inwoners en organisaties van de regio. Voor sommige vormen van dienstverlening kan men moeilijk terecht bij het reguliere aanbod (bijvoorbeeld honden uitlaten, gras afrijden, kleine klusjes, …), waarop wijk-werken een antwoord biedt.

In samenwerking met de VDAB, Haviland, IGO en andere gemeenten wordt wijk-werken binnen de provincie bekeken en versterkt via provinciaal overleg en via werkgroepen. De stad Vilvoorde stelt namens VMG een projectmedewerker ter beschikking met wijk-werken als grote invulling van zijn takenpakket. ISSE VMG participeert via dit dossier ook in de uitbouw van wijk-werken binnen de eigen organisaties en binnen de sociale economie.

Door de uitbouw van wijk-werken worden dus niet alleen meer opties geboden aan werkzoekenden, maar wordt ook de regionale nood aan bepaalde diensten ingevuld. De monitoring van de VDAB is het middel bij uitstek om bij te houden of de nodige vooruitgang wordt geboekt.


Acties ter bevordering van maatschappelijk verantwoord ondernemen


Kansengroepen worden actief betrokken en versterkt zodat zij gelijke kansen krijgen om duurzaam tewerkgesteld te worden

Wanneer de omgevingsanalyse erbij wordt genomen kan worden gezien dat een overgrote meerderheid (+85%) van de niet-werkende werkzoekenden in de regio behoort tot een specifieke doelgroep. Dit verduidelijkt het gegeven dat sommige bevolkingsgroepen geen gelijke kansen krijgen op de arbeidsmarkt.

In eerste plaats wil ISSE VMG meer zicht krijgen op de redenen waarom deze groepen een verlaagde graad van tewerkstelling bezitten. In volgende stappen worden interventies bedacht die tegemoet kunnen komen aan de onderliggende drempels tot de arbeidsmarkt. Dit kan bijvoorbeeld gaan over sensibilisering voor de sterktepunten van deze werkzoekenden of het gericht aanbieden van vorming of coaching rond bepaalde uitdagingen zoals armoede of schoolverlaters.

Er zal nauw worden samengewerkt met verenigingen en organisaties die in de regio reeds actief zijn rond versterking van kansengroepen (bijvoorbeeld AIF, AGII, CBE, 1001Schakels, …).

Door versterking van bepaalde doelgroepen worden meer kansen gegenereerd voor iedereen die wil instappen in een duurzaam werktraject.

Via sensibilisering en interventies worden organisaties uit de regio geïntroduceerd aan de verschillende SDG’s (Sustainable Development Goals)

De 17 verschillende SDG’s die werden opgesteld door de VN hebben als doel om een actieplan te vormen dat armoede tegengaat en duurzame ontwikkeling promoot. Er zijn vijf grote thema’s: mensen, planeet, vrede, partnerschap en welvaart. Eén van de belangrijkste thema’s is de SDG waardig werk en economische groei, maar alle thema’s hangen samen.

Om deze SDG’s te promoten zal voornamelijk worden samengewerkt met partners die zich hebben verdiept in duurzaamheid en in de verschillende doelstellingen. Deze kunnen onder andere de volgende instanties inhouden: Federaal Instituut voor Duurzame Ontwikkeling, WSM, Vilvoordse Raad voor Internationale Solidariteit en de gemeentelijke milieudiensten. Er zal zoveel mogelijk geleund worden op gespecialiseerde organisaties om een strategie te bepalen.

Het is de intentie van ISSE VMG om tot concrete acties te komen die het thema duurzaamheid in de kijker zetten, en manieren te vinden om duurzaam ondernemen in de regio te stimuleren op een zo laagdrempelig mogelijke manier.

Via de verschillende opgebouwde netwerkkanalen en acties wordt maatschappelijk verantwoord opgenomen als focusgebied

In aanvulling op de vorige twee actieplannen zal maatschappelijk verantwoord ondernemen verankerd worden binnen elk relevant overleg en actieplan. Zo zal bijvoorbeeld binnen de stuurgroep jeugd en tewerkstelling ook gewerkt worden aan duurzame tewerkstelling voor jongeren. Eén van de voornaamste doelen van dit dossier is mensen de kans te geven om de afstand tot de arbeidsmarkt te verkleinen en door laten stromen naar langdurige tewerkstelling.

Door frequent stil te staan bij duurzame tewerkstelling en duurzaamheid binnen verschillende settings wordt MVO geïncorporeerd in uiteenlopende acties.

ISSE VMG geeft het goede voorbeeld en zet binnen de eigen werking volop in op duurzaamheid

Ook binnen de eigen gemeentelijke/stedelijke diensten wordt geïnvesteerd in maatschappelijk verantwoord ondernemen. De verschillende gemeenten zullen in samenwerking met Groep Intro bekijken of het traject rond werkplekleren binnen de lokale overheid kan worden verdergezet. Daarnaast zal via de organisatorrol geïnvesteerd worden in wijk-werken, en deze vorm van tewerkstelling verder promoten binnen de eigen werking.

Het interne gebruik van de sociale economie zal worden aangemoedigd en worden gefaciliteerd.